Mijn Kifid
Mijn Kifid

Uitspraak 2014-437

Niet-bindende uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2014-437
d.d. 11 december 2014
(prof. mr. M.L. Hendrikse, voorzitter, en R.H.G. Mijné en mr. drs. R. Knopper, leden en mr. D.M.A. Gerdes, secretaris)

Samenvatting

Vermogensbeheer. Beleggen in futureposities. Volgens de belegger paste een belegging in futures niet bij zijn beleggingsdoelstellingen en risicobereidheid. Naar het oordeel van de Commissie is dit niet komen vast te staan. De vordering wordt afgewezen.

Consument;

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Matrix Asset Management B.V., gevestigd te Delft, hierna te noemen Aangeslotene.

1. Procedure

De Commissie beslist met inachtneming van haar reglement en op basis van de volgende stukken:
– het dossier van de Ombudsman Financiële Dienstverlening,
– de brief van de gemachtigde van Consument met als bijlage het ingevulde klachtformulier, ontvangen op 19 september 2013,
– de brief van de gemachtigde van Consument van 18 november 2013,
– de brief van de gemachtigde van Consument van 9 december 2013,
– het verweerschrift met bijlagen,
– de repliek,
– de dupliek met bijlagen en
– de spreekaantekeningen van de gemachtigde van Consument, overgelegd ter zitting.

De Commissie stelt vast dat tussenkomst van de Ombudsman Financiële Dienstverlening (hierna: de Ombudsman) niet tot oplossing van het geschil heeft geleid. Verder stelt de Commissie vast dat partijen van standpunt verschillen over de vraag of Aangeslotene de uitspraak van de Commissie als bindend advies dient te aanvaarden. In de beoordeling zal daarop worden ingegaan (zie overweging 4.1 en 4.2 hierna). Partijen zijn opgeroepen voor een hoorzitting op 6 november 2014 en zijn aldaar verschenen.

2. Feiten

De Commissie gaat uit van de volgende feiten:
2.1 Consument is in 2005 met Aangeslotene een vermogensbeheerovereenkomst aangegaan. In verband daarmee is op 14 mei 2005 een inventarisatieformulier ingevuld. Daarin is vermeld:
“(…)
Heeft u reeds ervaring met beleggen Ja, met aandelen en/of obligaties
of beleggingsproducten? Ja, met derivaten
Wat is uw beleggingshorizon? Meer dan 10 jaar
Beschikt u naast het vermogen dat u (…) Ja
overweegt te beleggen, nog over ander
vermogen?
Hoeveel % van uw totale vermogen brengt u Minder dan 20% van het totale
onder (…) bij Matrix (…)? vermogen
(…)
Vindt u het aantrekkelijk om op dalende Ja, daar sta ik voor open
aandelenkoersen in te spelen (d.m.v. opties
en/of futures)
Accepteert u mogelijke grote Ja, maar ik wens dat de kans hierop zo veel
waardeschommelingen in de portefeuille? mogelijk wordt beperkt, als is er geen
garantie dat dit nooit kan gebeuren
Welke beleggingsstijl past het best bij uw Een offensieve belegging
karakter en vermogenspositie?
2.2 In het kader van het beheer zijn bij BinckBank N.V. (hierna: BinckBank) drie rekeningen geopend: een rekening met nummer [..1..], waarop is belegd in het product Runatec, en nog twee rekeningen met nummer [..2..] en [..3..], waarop is belegd in de producten Matrix AEX en Matrix Wave Catcher. Verder is, om transacties op de Amerikaanse markt te kunnen doen, een rekening geopend bij WH Selfinvest.
2.3 Op 13 september 2006 heeft Consument aan Aangeslotene gemaild:
“(…) Eind vorig jaar hebben wij in goed overleg besloten een deel van mijn positieve saldo te beleggen in jullie beleggingsfonds. U vertelde mij dat dit veel betere rendementen zou opbrengen dan het zo maar te laten staan op de rekening van Binck. Inmiddels zijn we bijna 9 maanden verder en vallen mij een aantal zaken op (…):
(…)
– een beter rendement dan een spaarrekening wordt bij lange na niet gehaald
– (…)
– mij is niet duidelijk waarin belegd wordt
Al met al ben ik zeer teleurgesteld in deze advisering wat betreft dit beleggingsfonds. (…) Inmiddels is het verlies opgelopen tot € 2317,80 en de misgelopen rente van Binck.
Graag wil ik van u de volgende antwoorden ontvangen:
– waar heeft u destijds de 8 tot 10% rendement op gebaseerd
(…)
Ik begrijp ten zeerste dat wij met jullie future producten risico lopen en wij hebben dat in gecalculeerd. Maar dat wij met de beleggingsfondsen ook verlies konden maken is mij destijds door u niet verteld. (…)”
2.4 Op 17 februari 2007 heeft Consument aan Aangeslotene gemaild:
“Inmiddels zijn wij meer dan een jaar bezig met U als vermogensbeheerder. Het resultaat is nu € 17.740 negatief. Hier worden wij totaal niet vrolijk van. (…)
In december 2006 heeft u mij duidelijk geadviseerd in dit fonds te stappen omdat dit meer zou opbrengen dan het zomaar bij Binck te laten staan. Meerdere malen heb ik mijn bezorgdheid uitgesproken en steeds gaf u aan dat het wel goed zou komen.
Ik ben van mening dat ik destijds door u niet juist ben geadviseerd en ook in de loop van 2006 niet de juiste adviezen heb gekregen. Zie bijgaande mail waarin u duidelijk aangeeft dat een schommeling van 2% normaal is binnen dit fonds. (nu inmiddels bijna 9%)
Voor wat betreft de future producten wist ik duidelijk waaraan wij begonnen en daar hoort u mij niet over.
Ik stel dan ook voor om de totale transactie van het beleggingsfonds terug te draaien tegen de aankoopkoers (…). (…)
Voor wat betreft de future producten houden jullie het voordeel van de twijfel! (…)”
2.5 Op 7 november 2007 heeft Consument aan Aangeslotene gemaild:
“(…) Jammer dat jullie fondsen zo slecht renderen. Inmiddels zijn wij bijna 2 jaar klant bij u en zijn er, tot nu toe, alleen maar slechter van geworden.
Van de 3 future producten rendeert er maar een. U zult begrijpen dat wij hier niet vrolijk van worden.
Wat stelt u voor om (eindelijk eens) rendement te gaan maken. U heeft ons ook toegezegd dat de komende (…) 10.000 in de 2 achterblijvende producten vrij zou zijn van winstdeling. Kunnen we dit niet wat breder trekken en dit verrekenen met de winst van de drie producten samen?
Concreet:
Moeten we andere producten nemen
Moeten we de portefeuille anders indelen
Vrijstelling winstdeling over de totale portefeuille
Heeft u nog suggesties om ons toch een goed gevoel te geven (…)”
2.6 In 2007 is het beheer beëindigd voor zover het betreft de rekeningen met nummer [..2..] en [..3..], waarop werd belegd in de producten Matrix AEX en Matrix Wave Catcher. Op deze twee producten is in totaal een verlies van € 30.706,06 geleden.
2.7 Op 28 november 2007 heeft Consument van Aangeslotene een beleggingsvoorstel ontvangen, waarin werd ingegaan op het beleggen in verschillende varianten van het product Runatec. In dit voorstel werden vier mogelijke combinaties beschreven van beleggingen in futures op een aantal indices (de AEX Index, de DAX Index, de S&P 500 Index en de Dow Jones Industrial Average Index). Bij de eerste combinatie werd een gemiddeld rendement van 36,98% opgegeven over de periode 2001-2007 en een (maximale tussentijdse) waardedaling van 11,88%, bij de tweede een gemiddeld rendement van 35,66% en een waardedaling van 11,07%, bij de derde een gemiddeld rendement van 32,98% en een waardedaling van 22,19% en bij de vierde een gemiddeld rendement van 38,42% en een waardedaling van 19,56%.
2.8 In vervolg op dit beleggingsvoorstel heeft Consument besloten voortaan op slechts één rekening te beleggen. Sindsdien is op de rekening met nummer [..1..] belegd in het product Runatec.
2.9 Op 28 oktober 2010 heeft Consument aan Aangeslotene gemaild:
“(…) Met grote bezorgdheid kijk ik de laatste weken weer naar het negatieve resultaat. In 5 weken tijd maken jullie een verlies van maar liefst (…) 27.000.
Dit is toch wel erg veel geld!! Ik vraag mij af wat jullie er aan gaan doen. (…)
De kosten over al die jaren zijn enorm. Ik blijf het erg vreemd vinden dat jullie steeds aangeven een resultaat gemiddeld van 20% per jaar te halen en wij staan nog steeds op verlies.
Wat kunt u doen om nu eindelijk eens op winst te komen. (…)”
2.10 Aangeslotene heeft deze e-mail op 1 november 2010 beantwoord:
“(…) Als we (…) de zware beursomstandigheden meetellen, u bent eind 2007 overgestapt naar Runatec en sindsdien hebben de markten enorme schommelingen laten zien, een enorm risico dat ondanks de schommelingen redelijk is beheerst.
Het verlies van de afgelopen maand is ook beheersbaar, vanuit een tradingperspectief. (…)
(…) idealiter zouden wij ook graag zien dat de winst en verlies transacties evenwichtiger zouden zijn verdeeld (in tijd). Maar in sommige tijden is de beurs nu eenmaal (…) bereid om ons systeem meer te geven dan in andere tijden (…).”

2.11 Aangeslotene heeft in 2011 het beheer van de rekening met nummer [..1..], waarop de belegging in Runatec werd aangehouden, beëindigd. Op de belegging in Runatec is in de periode 2005 – 2010 een verlies van € 7.305,43 geleden.
2.12 Consument heeft een brochure van het product Runatec overgelegd. Daarin staat onder meer:
“(…) RUNATEC
Genieten van een beheerst rendement
Flexibel
Beurzen kunnen flink bewegelijk zijn, maar ook voor langere periodes niet. Runatec past zich aan aan deze verschillende beurssentimenten. In periodes waarin de hectiek (…) ontbreekt worden de stoploss niveaus en koersdoelen aangescherpt. Tevens kunnen extra posities worden ingenomen die juist profiteren van deze zijwaarts bewegende markten. Neemt de volatiliteit vervolgens toe, dan krijgt het systeem juist meer ruimte om hiervan te profiteren.
Multi market
Dat Runatec een succesvol systeem is, blijkt ook uit de flexibiliteit ervan. Runatec laat zich niet vastpinnen op één index. Werd voor lange tijd Runatec alleen aangeboden op de AEX Index, sinds begin 2005 draait hetzelfde systeem tevens op de Dax Index, de Dow Jones en de S&P 500. Het feit dat op elk van deze indices een goed rendement is behaald onderstreept de kracht van het systeem.
(…)
Belangrijke informatie
Runatec is een beleggingsproduct wat gebruik maakt van future contracten (futures). Vermogensbeheer met futures dient beschouwd te worden als een zeer offensieve belegging, wat grote risico’s met zich kan meebrengen. Dit wordt mede veroorzaakt door het hefboomeffect. Lees voor deelname de toelichting Matrix AEX Futureproducten.
(…)
Runatec AEX Index
Rendementen NA aftrek van transactiekosten, beheerfee en winstdeling.
Periode AEX-Index Runatec AEX
t/m 9/2007 9,6% 16,32%
(…)
2006 13,4% 16,32%
2005 25,5% 19,96%
2004 3,1% 54,35%
Rendementen voor mei 2004 op basis van simulatie, daarna uitgevoerd beheer.
2003 4,6% 119,59%
2002 -36,3% 46,41%
2001 -20,5% 93,75%
(…)
Runatec DAX Index
Rendementen NA aftrek van transactiekosten, beheerfee en winstdeling.
Periode DAX-Index Runatec DAX
t/m 9/2007 21,276% 47,35%
2006 21,97% 11,59%
2005 27,29% 18,51%
2004 6,93% 46,54%
Rendementen voor mei 2004 op basis van simulatie, daarna uitgevoerd beheer.
2003 37,55% 150,47%
2002 -44,02% 85,67%
2001 -20,18% 42,75%
(…)
Runatec Dow Jones
Rendementen NA aftrek van transactiekosten, beheerfee en winstdeling.
Periode Dow Jones Runatec Dow Jones
t/m 9/2007 7.6% 21,29%
2006 16.3% 6,52%
2005 -0.6% -1,68%
Rendementen voor mei 2005 op basis van simulatie, daarna uitgevoerd beheer.
2004 3.3% 21,40%
2003 25.1% 13,69%
2002 -16,7% 103,64%
2001 -7.0% 20,13%
(…)
Runatec S&P 500
Rendementen NA aftrek van transactiekosten, beheerfee en winstdeling.
Periode S&P 500 Runatec S&P 500
t/m 9/2007 6.0% 44,86%
2006 13.6% 6,32%
2005 2.9% 7,22%
Rendementen voor mei 2005 op basis van simulatie, daarna uitgevoerd beheer.
2004 9.2% 6,10%
2003 26.2% 43,53%
2002 -23.4% 71,27%
2001 -12.9% 78,89%
(…)”
2.13 Aangeslotene heeft een door haar opgestelde toelichting overgelegd met de titel ‘Matrix AEX-futureproducten’ (hierna: de Toelichting). Daarin staat onder meer:
“(…) Matrix belegt in een indexfuture die nauwgezet de koersontwikkeling van de AEX-index volgt. (…)
Futures
(…)
De Matrix futureproducten trachten zowel op koersstijgingen als koersdalingen in te spelen, op voorwaarde dat zich de gewenste signalen voordoen volgens de door Matrix ontwikkelde systematiek. (…)
Beleggingsmethodiek
Matrix (…) baseert zich bij haar beleggingsbeslissingen op kwantitatieve modellen waarbij uitsluitend de koersvorming van een aandeel, index of future het uitgangspunt is voor de analyse. Volgens deze methodiek is alle al bekende informatie in de koersvorming verdisconteerd.
Matrix heeft de exclusieve beschikking over een methodiek van patroonherkenning, welke (…) met behulp van geavanceerde software wordt toegepast op de koersfluctuaties van de AEX-index, maar ook op bijvoorbeeld de DAX, de Dow Jones en de S&P500. Matrix maakt gebruik van geavanceerde software, welke een specifieke vorm van patroonherkenning analyseert, die ervan uitgaat dat elke koersvorming is opgebouwd uit zogenaamde “fractals”. Een fractal is een patroon dat bestaat uit steeds dezelfde patronen die zich herhalen op steeds kleinere schaal. (…)
(…)
Risico
Het risico dat men loopt met een futurebelegging is sterk afhankelijk van een aantal factoren. In de eerste sprake van een hefboomeffect. U belegt met één AEX future in de markt een bedrag van twee keer de AEX-index. Dus indien de index 500 noteert is het in de markt belegde bedrag € 100.000. Aangezien u bent begonnen met een bedrag van € 25.000 is er sprake van een hefboomwerking van ca. 4 keer het ingelegde kapitaal. Omdat u, zoals wij in bovenstaand voorbeeld uiteenzetten, plaats is er risico loopt over € 100.000 en slechts € 25.000 hoeft aan te houden op uw rekening is het theoretisch mogelijk dat u uw inleg kwijt raakt, of zelfs een bijstorting moet doen. (…) Om die reden kiest Matrix dus ook bewust voor een minimale storting die aanzienlijk hoger is dan het wettelijke minimum zodat (…) een buffer de eerste schade opvangt. Daarnaast is het risico afhankelijk van de mate waarin een beleggingsstrategie het risico beperkt. In haar beleid laat Matrix bij verliesgevende transacties slechts een bepaald verlies toe, door het instellen van een stoploss niveau. Een stoploss is het uiterste koersniveau tot waar de markt tegen een ingenomen positie in mag lopen. Dit stoploss niveau wordt steeds bepaald door de (…) patronen zoals deze zich voordoen voor en gedurende een lopende positie. (…)
Tot slot loopt u het risico dat, indien de index bij opening op een nieuwe beursdag een koersfluctuatie laat zien, dit zijn weerslag heeft in uw portefeuille. Een “overnight” sprong van bijv. 10 punten is niet ongebruikelijk, wat in dat geval (…) een fluctuatie van € 2.000 in uw belegde vermogen zou betekenen. (…)
Disclaimer
Matrix beperkt het risico op grote verlieslatende transacties aanzienlijk door uitsluitend te anticiperen op de koersbewegingen die door de strategie als veilig gedefinieerd worden, door middel van het hanteren van een stoplossbeleid. Ongeacht deze risicobeperkende maatregelen kunnen, naar aanleiding van factoren waar Matrix geen invloed op heeft, bepaalde transacties toch een groter verlies laten zien. Dergelijke omstandigheden kunnen o.a. zijn:
– opschorting van de beurshandel naar aanleiding van:
het bereiken van maximaal toegelaten limieten bij koersdaling
technische storing op de beurs
sluiting van de beurs
– omwille van overmacht, de beperking om voor het slot slechts een beperkt aantal futures te kunnen sluiten.
– heftige overnight of intraday koerssprongen (gaps) naar aanleiding van uitzonderlijke nieuwsberichten.
(…)”

3. Geschil

3.1. Consument vordert dat Aangeslotene wordt veroordeeld tot vergoeding van zijn schade, begroot op € 90.816 en te vermeerderen met wettelijke rente en kosten van rechtsbijstand. Aan deze vordering legt Consument ten grondslag dat Aangeslotene toerekenbaar is tekortgeschoten in de nakoming van de op haar rustende verplichtingen uit de beheerovereenkomst:
(a) door hem een onrealistisch rendement voor te spiegelen;
(b) door hem niet te waarschuwen voor het feit dat zijn belegging in Runatec wellicht nog geruime tijd geen positief rendement zou opleveren;
(c) door mede te delen dat op een beheerportefeuille van Aangeslotene rendement kon worden gemaakt, ongeacht de beweging van de markt;
(d) door een verdienmodel te hanteren dat leidt tot het nemen van grote risico’s;
(e) door ontoereikend inlichtingen in te winnen over zijn financiële positie, kennis, beleggingservaring, beleggingsdoelstellingen en risicobereidheid; en
(f) doordat er sprake is geweest van churning.
3.2 Aangeslotene heeft de stellingen van Consument gemotiveerd weersproken. Voor zover nodig zal de Commissie bij de beoordeling daarop ingaan.

4. Beoordeling

Bindend of niet-bindend advies
4.1 Ter zitting heeft Consument aangevoerd dat Aangeslotene in deze zaak zou moeten instemmen met een bindend advies van de Commissie.
4.2 De Commissie stelt vast dat reeds voordat deze klacht bij de Commissie werd ingediend Aangeslotene aan Kifid heeft bericht dat zij uitspraken van de Commissie niet meer bij voorbaat als bindend zal aanvaarden. Verder heeft Aangeslotene in deze zaak aan de Commissie bericht dat zij enkel instemt met een niet-bindend advies. Daarop heeft Consument bevestigd dat hij instemt met een niet-bindend advies, met het voorbehoud dat hij dit punt wel ter zitting ter discussie zou stellen. Onder deze omstandigheden kan de Commissie, bij gebrek aan instemming van Aangeslotene met een bindend advies, alleen uitspraak doen in de vorm van een niet-bindend advies.
Ontvankelijkheid
4.3 Aangeslotene voert aan dat de klacht niet tijdig bij de Ombudsman is ingediend, namelijk meer dan drie maanden na de definitieve afwijzing van de klacht in de interne klachtprocedure.
4.4 Naar het oordeel van de Commissie kan in het midden blijven of deze termijn al dan niet is overschreden. De Ombudsman heeft de klacht van Consument immers inhoudelijk beoordeeld en is daarbij kennelijk ervan uitgegaan dat de bedoelde driemaandentermijn niet is overschreden. Een redelijke uitleg van artikel 29.1 en 30.1 van het reglement brengt mee dat de Commissie in dat geval alleen toetst of de klacht binnen drie maanden na het oordeel van de Ombudsman is ingediend. Dit laatste staat in deze zaak niet ter discussie.
Aard van de rechtsverhouding
4.5 Tussen Aangeslotene en Consumenten heeft een relatie van vermogensbeheer bestaan. Aan vermogensbeheer is eigen dat de beheerder zijn beheerstaken naar eigen inzicht vervult; voorts dient de beheerder het aan hem toevertrouwde vermogen te beheren zoals van een redelijk bekwaam en redelijk handelend vermogensbeheerder mag worden verwacht. Bij het beoordelen of het beheer aan deze maatstaf heeft voldaan, komt groot belang toe aan de beleggingsdoelstellingen en het vastgestelde risicoprofiel. Tussen partijen staat vast dat met betrekking tot de onderhavige vorm van vermogensbeheer een hoog acceptabel risico is overeengekomen.
Klachtonderdeel (a), (b) en (c): voorlichting over de risico’s
4.6 Naar de kern genomen stelt Consument in deze drie klachtonderdelen dat hij ontoereikend is voorgelicht over de kenmerken en risico’s van de beleggingsmethode van Aangeslotene en de derivaten waarin zij belegt.
4.7 Vast staat dat in het beleggingsvoorstel potentiële rendementen tussen 32% en 39% zijn vermeld en dat ook in de brochure de aandacht wordt gevestigd op hoge historische rendementen. Daarmee is echter nog niet gebleken dat de voorlichting als geheel ontoereikend is geweest. In het beleggingsvoorstel staan immers ook de percentages van tussentijdse koersdalingen, terwijl in de brochure met zoveel woorden, onder het kopje ‘Belangrijke informatie’, erop wordt gewezen dat gebruik wordt gemaakt van futures en dat vermogensbeheer met futures moet worden beschouwd als een zeer offensieve belegging en grote risico’s kan meebrengen, waarbij wordt verwezen naar de toelichting Matrix AEX Futureproducten. In die toelichting (zie overweging 2.13 hiervoor) worden de kenmerken en risico’s van het beleggingsbeleid van Aangeslotene concreet en specifiek beschreven. De toelichting bevat immers een beschrijving van de kenmerken van futures en de beleggingsmethodiek en het handelssysteem van Aangeslotene. Verder wordt onder het kopje ‘Risico’ expliciet gewezen op het risico van verlies van de gehele inleg en een eventuele bijstorting en voorts, onder het kopje ‘Disclaimer’, dat de beleggingsmethodiek van Aangeslotene de risico’s weliswaar beperkt, maar dat desondanks een groter verlies kan ontstaan door omstandigheden waarop Aangeslotene geen invloed heeft.
Klachtonderdelen (d) en (e): passendheid van het product
4.8 Naar de kern stelt Consument hiermee dat hij schade heeft geleden doordat een belegging in de producten Runatec, Matrix AEX en Matrix Wave Catcher niet strookte met zijn risicobereidheid en beleggingsdoelstelling
4.9 Ter onderbouwing heeft Consument gesteld dat Aangeslotene heeft verzuimd inlichtingen in te winnen over zijn financiële positie, kennis, beleggingservaring, beleggingsdoelstellingen en risicobereidheid. In deze stelling kan Consument worden gevolgd. Het overgelegde inventarisatieformulier van 14 mei 2005 is immers op wezenlijke onderdelen te summier; er worden geen (open) vragen gesteld over de beleggingsdoelstellingen van de consument en evenmin wordt de risicobereidheid in kaart gebracht. Evenmin is gebleken dat Aangeslotene in 2007 voldoende gedetailleerd inlichtingen heeft ingewonnen bij Consument voor het vastleggen van zijn cliëntprofiel. Daarvoor was echter wel aanleiding, omdat in 2007 het beheer wezenlijk werd gewijzigd doordat het beheer van twee van de drie beleggingsrekeningen werd beëindigd. Nu niet is gebleken dat Aangeslotene in 2005 en 2007 op andere wijze informatie heeft ingewonnen voor het vaststellen van het cliëntprofiel, moet het ervoor worden gehouden dat dit niet is gebeurd, hetgeen betekent dat Aangeslotene op dit punt toerekenbaar is tekortgeschoten.
4.10 Desondanks kan de vordering tot schadevergoeding niet worden toegewezen omdat niet is gebleken dat de ontstane schade aan dit tekortschieten kan worden toegerekend. Het ontbreekt aan aanwijzingen dat, als Aangeslotene naar behoren inlichtingen had ingewonnen, een wezenlijk defensiever cliëntprofiel zou zijn vastgelegd. Consument heeft immers informatiemateriaal ontvangen waaruit hij in elk geval heeft kunnen opmaken dat belegd werd in derivaten met aanzienlijke koersrisico’s. Verder heeft Consument, nadat in 2007 de belegging in Matrix AEX en Matrix Wave Catcher met een aanzienlijk verlies was beëindigd, wederom gekozen voor een belegging in Runatec terwijl het hem, gelet op de behaalde resultaten, inmiddels bekend moet zijn geweest dat de koers van derivaten sterk kan fluctueren.
4.11 Het voorgaande wordt niet anders door de verwijzing van Consument naar zijn e-mail van 28 oktober 2010, waarin hij heeft opgemerkt dat in vijf weken € 27.000 was verloren en dat dit toch ‘erg veel geld’ was. Uit deze e-mail, mede in het licht van de overige correspondentie, blijkt immers nog niet dat een belegging in de futureproducten van Aangeslotene niet passend voor Consument was. In de e-mail van 13 september 2006 heeft hij immers opgemerkt ‘ik begrijp ten zeerste dat wij met jullie future producten risico lopen’ en wij hebben dat in gecalculeerd’ en in de e-mail van 17 februari 2007 ‘Voor wat betreft de future producten wist ik duidelijk waaraan wij begonnen en daar hoort u mij niet over’. Dat de futureproducten van Aangeslotene te offensief voor Consument waren, is dan ook niet aannemelijk geworden.
Klachtonderdeel (f): churning
4.12 Ten slotte stelt Consument dat hij schade heeft geleden doordat er sprake is geweest van churning. Consument heeft deze stelling onderbouwd door te verwijzen naar een transactieoverzicht over de periode april – juni 2010. Verder heeft Consument ter zitting herhaald dat als gevolg van een te groot aantal transacties excessieve kosten zijn gemaakt.
4.13 Naar het oordeel van de Commissie zijn echter, met het oog op dit klachtonderdeel, onvoldoende gedetailleerde gegevens overgelegd over de daarvoor relevante periode (2005 – 2011). Dat er sprake is geweest van een bovenmatig aantal transacties en dat Consument daardoor schade heeft geleden, is daarmee niet komen vast te staan.
Slotsom
4.14 Gezien het voorgaande leidt geen van de klachtonderdelen tot het toewijzen van schadevergoeding. Dit brengt mee dat de overige verweren van Aangeslotene – waaronder het beroep op artikel 6:89 BW – buiten beschouwing kunnen blijven en dat de vordering zal worden afgewezen.

5. Beslissing

De Commissie wijst de vordering af.

In artikel 5 van het Reglement van de Commissie van Beroep Financiële Dienstverlening is bepaald in welke gevallen beroep openstaat van beslissingen van de Geschillencommissie Financiële Dienstverlening bij de Commissie van Beroep Financiële Dienstverlening. Daarbij geldt een termijn van zes weken na verzending van deze uitspraak. Op de website van Kifid vindt u praktische informatie over het instellen van beroep. Zie hiervoor www.kifid.nl/consumenten/wie-behandelt-mijn-klacht-1/4#stappen-plan.

Bekijk de volledige uitspraak

Heeft u een vraag?

070 - 333 8 999

Bereikbaar op werkdagen van 09:00 tot 17:00

consumenten@kifid.nl

Stuur ons een e-mail

Mijn Kifid

Gemakkelijk de behandeling van uw klacht volgen
Contact