Mijn Kifid
Mijn Kifid

Uitspraak 2019-115

Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2019-115
(mr. dr. S.O.H. Bakkerus, voorzitter en mr. J.E.M. Sünnen, secretaris)

Klacht ontvangen op : 6 april 2018
Ingediend door : Consument
Tegen : Onderlinge Verzekering Maatschappij ZLM U.A., gevestigd te Goes, verder te noemen
Verzekeraar
Datum uitspraak : 15 februari 2019
Aard uitspraak : Niet-bindend advies

Samenvatting

Opstalverzekering. Verzekeraar sluit huidige en toekomstige schade als gevolg van verzakking van de riolering uit van de polisvoorwaarden. Consument ziet graag dat zijn huidige herstelwerk-zaamheden aan de riolering en de eventuele gevolgschade door een verzakking van de riolering in de toekomst op voorhand wordt uitgesloten. Daarnaast zou er geen sprake zijn van een verzakking van het woonhuis, zoals is omschreven in de voorwaarden. Commissie oordeelt dat Verzekeraar mag afgaan op de informatie uit het expertiserapport, waarin is opgenomen dat er sprake is van een verzakking van de riolering. Daarnaast is de Commissie van oordeel dat de riolering moet worden gezien als het woonhuis, zijnde een bestanddeel ervan op basis van artikel 3.3 en 3.4 BW. Nu verzakking van het woonhuis in deze voorwaarden is uitgesloten ongeacht de oorzaak, kan daarmee een huidige verzakking aan de riolering en de eventuele gevolgschade die in de toekomst hieruit voortvloeit worden uitgesloten van de dekking. Commissie wijst de vordering van Consument af.

1. Procesverloop

De Commissie beslist op basis van haar Reglement en op basis van de door partijen aan Kifid ingestuurde documenten inclusief alle bijlagen. Hieronder te verstaan het klachtenformulier, het verweerschrift, de repliek van Consument en de dupliek van Verzekeraar.

Daarnaast is de zaak behandeld op de hoorzitting van de Commissie van 1 november 2018 waarbij partijen zijn verschenen.

2. Waar gaat het om?

2.1 In opdracht van Verzekeraar heeft een lekdetectie- en herstelbedrijf (hierna: de Expert) een door Consument gemelde verstopping in de riolering onder zijn woonhuis verholpen. Dit is gedaan met een hogedrukspuit. Na het verhelpen van de verstopping heeft de Expert met een camera in de riolering gekeken en hij zag dat de camera tweemaal onderwater ging. Hij concludeerde dat de riolering op twee plaatsen is verzakt en dat dit mogelijk komt doordat de riolering niet met ophangbeugels aan het woonhuis is bevestigd.

2.2 Verzekeraar heeft de kosten voor het verhelpen van de verstopping betaald. De kosten om de huidige en een mogelijke toekomstige verzakking in de riolering te verhelpen vallen volgens Verzekeraar niet onder de dekking van de Woonhuisverzekering van Consument, onder andere omdat in de Verzekeringsvoorwaarden elke verzakking van het woonhuis, waaronder ook de riolering valt, ongeacht de oorzaak ervan, is uitgesloten. Het maakt volgens Verzekeraar daarmee niet uit of er sprake is van een plotseling of een van buiten gekomen gebeurtenis.

2.3 Consument is het oneens met het standpunt van Verzekeraar. Hij vindt dat er geen sprake is van een verzakking. Verzekeraar heeft bij zijn afwijzing gesteld dat de verzakking is ontstaan door het ontbreken van ophangbeugels. Maar de Expert heeft niet kunnen vaststellen dat er ophangbeugels missen en dus is er geen reden om aan te nemen dat de riolering is verzakt. Verzekeraar kan eventuele toekomstige schade op deze grond daarom ook niet uitsluiten. Als Consument al moet overgaan tot het verhelpen van een eventuele verzakking, dan moet Verzekeraar de daarvoor te maken kosten vergoeden. Dit omdat in 2013 ook een verstopping is geweest en Expert toen heeft gezegd dat Consument een afwachtende houding kon aannemen. Op kosten van de Verzekeraar heeft de vloer in 2013 opengelegen en is ook weer dichtgemaakt. Als Consument toen de reparatie had uitgevoerd, waren de herstelkosten niet zo hoog geweest als nu. Het gaat nu om een bedrag van ongeveer €10.000,-.

3. Beoordeling

3.1 De Commissie wijst de vordering van Consument af en legt hieronder uit waarom.

Is er sprake van een verzakking?
3.2 Verzekeraar heeft zijn standpunt, dat er sprake is van een verzakking, onderbouwd door uit te gaan van de constateringen van de Expert. In de brief aan Consument heeft Verzekeraar het volgende opgenomen:

‘Oorzaak van de problemen
Het rapport van [Expert] heb Ik voor u bijgesloten. Zoals uit het rapport blijkt is de riolering onder de woning op 2 plaatsen flink verzakt. Dit heeft kunnen ontstaan doordat de afvoerleiding niet gebeugeld is. Ook tijdens het onderzoek in 2013 is dit al geconstateerd.

Het verhelpen van het probleem is helaas niet verzekerd
(…) Uw woonhuisverzekering biedt onder meer dekking bij een plotseling defect aan een leiding, zoals een breuk. Daarvan is geen sprake. Ook als de leiding nu onverhoopt zou breken, kan niet meer gesproken worden van een plotselinge breuk. Hoewel ik me kan voorstellen dat het vervelend is om met forse kosten geconfronteerd te worden is ons advies toch om één en ander naar het advies van [Expert] in orde te maken. Daarmee voorkomt u niet alleen nieuwe verstoppingen in de toekomst. Maar ook dat wij geen dekking kunnen verlenen als het toch een keer tot een verstopping en/of gevolgschade leidt.’

In de bijgesloten rapportage van de Expert is het volgende opgenomen:

‘Reden en status: Stank uit de afvoer keuken en bijkeuken.(…)
Onderzoek/bevindingen: (…)
Resultaat: Afvoerleidingen met HD (hogedruk) ontstopt en geconstateerd dat de oorzaak van de verstopping wasmiddel in de afvoerleiding was. Vervolgens camera inspectie uitgevoerd: riolering is op twee plaatsen onder de woning flink verzakt. Deze conclusie getrokken uit de camerabeelden waarop zichtbaar is dat de camera 2 maal geheel onder water verdwijnt in een even voordien met hoge druk gereinigde buis.
Opmerking: Resultaten van het onderzoek besproken met verzekerde. Uit eerder onderzoek (2013) is gebleken dat de afvoerleiding – daar waar deze zichtbaar was – niet gebeugeld was. Verstopping voor dit moment verholpen maar advies o m e.e.a. aan te passen ivm risico op breuk in de toekomst. (…)

3.3 Verzekeraar mag in beginsel uitgaan van de bevindingen van een door hem ingeschakelde expert. Dit is alleen anders als direct duidelijk blijkt dat de inhoud van het rapport onjuist is. Een dergelijk oordeel is ook al eerder in andere zaken gegeven. Zie de uitspraak van de Hoge Raad van 12 maart 2010, ECLI:NL:HR:2010:BK9158 en de uitspraken van de Geschillencommissie 2017-505 en 2017-794. Van een direct en duidelijk blijkend onjuist rapport van Expert is geen sprake en dus is er geen reden om dit rapport zonder meer buiten beschouwing te laten. Omdat Consument het toch niet eens is met de mening van Expert, is het aan hem om de bevindingen van Expert te weerleggen. Consument heeft geen bewijs overhandigd waaruit blijkt dat het rapport van de Expert onjuist is, of dat de conclusie van Expert wordt tegengesproken door een contra-expert. De Commissie concludeert daarom dat er sprake is van een verzakking van de riolering.

Mag de Verzekeraar de herstelkosten aan de riolering afwijzen?
3.4 Volgens Verzekeraar is het herstel van de verzakking niet verzekerd en hij verwijst daarvoor naar artikel 4 van de verzekeringsvoorwaarden ‘reglement woonhuis-, inboedel-, glas en kostbaarhedenverzekering’ (hierna: Voorwaarden). Hierin is het volgende opgenomen:

“4 Wat is niet verzekerd?
(…)
Ook bij schade door ander onheil dat plotseling van buitenaf komt zijn enkele uitzonderingen niet verzekerd:
– schade die het gevolg is van verzakking of instorting van het woonhuis. (…)”

3.5 De vraag is dan of de verzakking van de riolering moet worden beschouwd als de verzakking van het woonhuis in de zin van artikel 4 Voorwaarden. Of anders omschreven: is de riolering deel van het woonhuis? Als dat zo is, is de schade door de verzakking van de riolering niet verzekerd.

In de voorwaarden wordt ‘woonhuis’ beschreven als ‘de onroerende zaak (inclusief eventuele fundering) op het adres dat op uw polisblad vermeld staat.

Ook alle bijgebouwen, terreinafscheidingen en andere bouwwerken die bestemd zijn voor particulier gebruik en voor altijd ter plaatsen te blijven horen hierbij.’

In de wet, artikel 3:3 Burgerlijk Wetboek wordt de onroerende zaak beschreven als: ‘(…) de gebouwen en werken die duurzaam met de grond zijn verenigd, hetzij rechtstreeks, hetzij door vereniging met andere gebouwen of werken.’ Artikel 3:4 van het Burgerlijk Wetboek (zie bijlage) voegt hieraan toe dat al hetgeen volgens verkeersopvatting deel uitmaken van de zaak, bestanddeel is van die zaak.

De Commissie is van oordeel dat uit de Voorwaarden in verband met artikel 3:3 en 3:4 Burgerlijk Wetboek volgt dat onder een ‘onroerende zaak’ waartoe een woonhuis behoort, ook de riolering wordt verstaan. Dit omdat de riolering is verenigd met het woonhuis en bestemd om duurzaam te plaatse te blijven. Daarnaast omdat in het maatschappelijk verkeer levende opvattingen de riolering onderdeel is van het woonhuis. Daarmee is de Commissie van oordeel dat de verzakking van de riolering van de dekking is uitgesloten.

Is er sprake van een plotseling en van buiten gekomen gebeurtenis?
3.6 Als al wordt aangenomen dat de verzakking van de riolering door een plotselinge oorzaak is ontstaan, dan zijn de kosten voor het herstel van deze verzakking uitgesloten op basis van de Voorwaarden zoals omschreven in alinea 3.4. Dat de verzakking van de riolering mogelijk is ontstaan door het niet gebeugeld zijn van de riolering is voor het verlenen van dekking daarom niet relevant en laat de Commissie dan ook buiten beschouwing. De Commissie oordeelt dat op grond van de Voorwaarden de Verzekeraar een afwijzend standpunt mag innemen voor het eventueel uit te voeren herstel aan de riolering.

Kan de Verzekeraar op voorhand toekomstige schadeclaims afwijzen?
3.7 Wanneer bij de Verzekeraar bekend is dat de riolering van het woonhuis van Consument op twee plaatsen is verzakt, ligt het voor de hand dat de Verzekeraar Consument waarschuwt over de mogelijke gevolgen hiervan voor nu en de toekomst. Daarnaast ligt het voor de hand dat Consument een keuze maakt of hij maatregelen gaat treffen om de geconstateerde verzakking te herstellen. De kosten van deze keuze zijn voor rekening en risico van Consument. De Commissie benadrukt hierbij dat de Verzekeraar alleen die toekomstige schadeclaims op voorhand kan afwijzen die het gevolg zijn van deze verzakking. Bij een toekomstige schade aan de riolering, moet daarom altijd worden nagegaan wat de oorzaak is van de schade.

4. Beslissing

De Commissie wijst de vordering van Consument af.

De uitspraak heeft de vorm van een niet-bindend advies. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open bij de Commissie van Beroep Financiële Dienstverlening. U kunt de zaak nog wel aan de rechter voorleggen.

U kunt, binnen twee weken na de verzenddatum van deze uitspraak, bij de Voorzitter van de Geschillencommissie Financiële Dienstverlening schriftelijk een verzoek indienen tot herstel van kennelijke vergissingen in de uitspraak. U moet daarbij met name denken aan correctie van reken- of schrijffouten en verbetering van namen en data. De volledige procedure met de termijnen die daarbij in acht moeten worden genomen staat beschreven in artikel 40 van het Reglement.
BIJLAGE:

Boek 3 Burgerlijke Wetboek
Artikel 3
1.
Onroerend zijn de grond, de nog niet gewonnen delfstoffen, de met de grond verenigde beplantingen, alsmede de gebouwen en werken die duurzaam met de grond zijn verenigd, hetzij rechtstreeks, hetzij door vereniging met andere gebouwen of werken.
2.
Roerend zijn alle zaken die niet onroerend zijn.
Artikel 4
1.
Al hetgeen volgens verkeersopvatting onderdeel van een zaak uitmaakt, is bestanddeel van die zaak.
2.
Een zaak die met een hoofdzaak zodanig verbonden wordt dat zij daarvan niet kan worden afgescheiden zonder dat beschadiging van betekenis wordt toegebracht aan een der zaken, wordt bestanddeel van de hoofdzaak.

Bekijk de volledige uitspraak

Heeft u een vraag?

070 - 333 8 999

Bereikbaar op werkdagen van 09:00 tot 17:00

consumenten@kifid.nl

Stuur ons een e-mail

Mijn Kifid

Gemakkelijk de behandeling van uw klacht volgen
Contact