Mijn Kifid
Mijn Kifid

Uitspraak 2019-258 (Bindend)

Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2019-258
(prof. mr. M.L. Hendrikse, voorzitter en mr. C.J.M. Veltmaat, secretaris)

Klacht ontvangen op : 20 september 2018
Ingediend door : Consument
Tegen : VIVAT Schadeverzekeringen N.V., h.o.d.n. nowGo, gevestigd te Amstelveen, verder te noemen verzekeraar, waarbij de uitvoering van rechtsbijstand is overgedragen aan SRK Rechtsbijstand, verder te noemen Rechtsbijstanduitvoerder
Datum uitspraak : 9 april 2019
Aard uitspraak : Bindend advies

Samenvatting

Consument klaagt dat Rechtsbijstanduitvoerder ten onrechte heeft geweigerd dekking te verlenen voor het geschil met de kredietverstrekker. De Commissie is van oordeel dat de gebeurtenis is ontstaan ruim vóór de ingangsdatum van de verzekering. De oorzaak van het conflict is immers gelegen in het moment dat de boete werd opgelegd in 2015. Rechtsbijstanduitvoerder mocht het verzoek om rechtsbijstand afwijzen. De klacht is ongegrond en de vordering wordt afgewezen.

1. Procesverloop

De Commissie beslist met inachtneming van haar Reglement en op basis van de volgende stukken:

· het klachtformulier en de door Consument ingezonden stukken;
· het verweerschrift van Rechtsbijstanduitvoerder;
· de repliek van Consument en de aanvulling daarop;
· de dupliek van Rechtsbijstanduitvoerder.

De Commissie stelt vast dat partijen hebben gekozen voor bindend advies. De Commissie stelt vast dat het niet nodig is de zaak mondeling te behandelen. De zaak kan daarom op grond van de stukken worden beslist.

2. Feiten

De Commissie gaat uit van de volgende feiten.

2.1 Consument heeft een particuliere rechtsbijstandverzekering gesloten die is ingegaan op
21 september 2016.
Op de verzekering, die geadministreerd wordt onder polisnummer [polisnummer], zijn de verzekeringsvoorwaarden Polisvoorwaarden Rechtsbijstand-verzekering Z.RB.SRK.1508 van toepassing. Daarin is, voor zover relevant, het volgende bepaald:

2.1 Wanneer begint je verzekering?
Je bent verzekerd vanaf de datum die op je polis staat.

2.2 Geldt er een wachttermijn?
Voor het verkrijgen van rechtshulp of juridische adviezen geldt een wachttermijn vanaf de ingangsdatum van de verzekering. […] De wachttermijn is de periode waarin je wel bent verzekerd, maar nog geen gebruik kunt maken van juridische hulp.

De wachttermijn is 3 maanden. […]

[…]

3.2 Wanneer heb je recht op rechtshulp?
Of je recht hebt op rechtshulp, wordt beoordeeld door SRK. Je hebt recht op rechtshulp als aan de volgende voorwaarden is voldaan:
[…]
• De gebeurtenis heeft tijdens de looptijd van je verzekering plaatsgevonden. Met ‘gebeurtenis’ bedoelen wij een voorval of reeks van voorvallen die de oorzaak is van het conflict.
• Je had het conflict niet kunnen verwachten.
[…]
• Er is geen wachttermijn van toepassing

[…]

Op welk moment vond de gebeurtenis plaats?
Je kunt alleen een beroep doen op deze verzekering als je verzekerd bent op het moment dat de gebeurtenis plaatsvond en het conflict ontstond. Is er sprake van meerdere gebeurtenissen die met elkaar samenhangen? Dan gaan we uit van het tijdstip van de eerste gebeurtenis in die reeks.

Met gebeurtenis bedoelen wij een voorval of reeks van voorvallen die de oorzaak is van het conflict.

2.2 Consument heeft zich op 22 maart 2017 aangesloten bij Oversluitclaim.nl vanwege een oversluitboete die de kredietverstrekker haar in mei 2015 had opgelegd en door Consument is betaald. Vervolgens heeft Consument het geschil met de kredietverstrekker, via Oversluitclaim.nl, gemeld bij Rechtsbijstanduitvoerder in juni 2018.

2.3 Rechtsbijstanduitvoerder heeft het verzoek om rechtsbijstand afgewezen. Consument heeft naar aanleiding daarvan een klacht ingediend bij Kifid.

3. Vordering, klacht en verweer

Klacht, grondslag en vordering Consument

3.1 Consument klaagt dat Rechtsbijstanduitvoerder weigert dekking te verlenen. Rechtsbijstanduitvoerder hanteert ten onrechte een fictieve gebeurtenisdatum (12 september 2016) om vast te stellen wanneer het geschil is ontstaan. Rechtsbijstanduitvoerder dient uit te gaan van de datum waarop Consument daadwerkelijk het besef kreeg dat zij de hulp van Rechtsbijstanduitvoerder in het geschil met de kredietverstrekker nodig zou hebben. Dat was pas in maart 2017, toen de Autoriteit Financiële Markten (hierna AFM) zich heeft uitgelaten over de hoogte van de oversluitboetes.

3.2 Consument had het geschil niet eerder kunnen verwachten. Consument heeft de uitzending van Radar van 12 september 2016 gezien, maar de AFM heeft volgens Consument pas in maart 2017 duidelijkheid gegeven. Toen pas wist Consument dat zij een vordering had op de kredietverstrekker en heeft zij zich aangesloten bij Oversluitclaim.nl. De uitzending van Radar van 12 september 2016 is niet relevant. Dat Consument de rechtsbijstandverzekering op 21 september 2016 heeft afgesloten, berust op toeval.

3.3 Consument vordert dat alsnog rechtsbijstand wordt verleend voor het geschil met de kredietverstrekker.

Verweer

3.4 Rechtsbijstanduitvoerder stelt zich op het standpunt dat het geschil op 12 september 2016 is ontstaan, dus vóór de ingangsdatum van de rechtsbijstandverzekering. Veel benadeelden waren niet eerder bekend met hun vordering en konden dat ook niet zijn, hoewel de hoogte van de oversluitboete al jaren ter discussie stond (getuige het arrest van het Europese Hof van Justitie uit mei 2013). De uitzending van het consumentenprogramma Radar over de oversluitboete heeft daar verandering in gebracht. Rechtsbijstanduitvoerder heeft de datum van 12 september 2016 als fictieve gebeurtenisdatum vastgesteld voor oudere vorderingen om verzekerden tegemoet te komen, omdat de oversluitboete toen veel media-aandacht kreeg in Nederland.

3.5 Het schadeveroorzakende voorval c.q. de gebeurtenis heeft zich feitelijk al in 2015 voorgedaan, toen Consument bekend was met de oversluitboete.

De relevante voorvallen c.q. gebeurtenissen hebben plaatsgevonden vóór de ingangsdatum van de rechtsbijstandverzekering. Het is niet relevant dat op deze ingangsdatum de kredietverstrekker nog niet is gesommeerd.

3.6 De vordering van Consument was voorzienbaar, omdat zij op 12 september 2016 door het consumentenprogramma Radar bekend is geworden met de omstandigheid dat zij mogelijk een te hoge oversluitboete heeft betaald in 2015. Daarom kon Consument, op het moment dat zij de rechtsbijstandverzekering sloot, (redelijkerwijs) verwachten dat zij een geschil zou krijgen met de kredietverstrekker waarvoor zij hulp nodig zou hebben van Rechtsbijstanduitvoerder.

4. Beoordeling

4.1 Consument klaagt dat Rechtsbijstanduitvoerder ten onrechte heeft geweigerd dekking te verlenen voor het geschil met de kredietverstrekker. De hoofdvraag die partijen verdeeld houdt, is of de gebeurtenis die de oorzaak is van het conflict van Consument is ontstaan vóór de ingangsdatum van de verzekering of erna. De Commissie velt hierover een oordeel.

4.2 Op basis van de informatie in het dossier is de Commissie van oordeel dat de gebeurtenis is ontstaan ruim vóór de ingangsdatum van de verzekering. De oorzaak van het conflict is immers gelegen in het moment dat de boete werd opgelegd in 2015. De Commissie laat daarom in het midden of Rechtsbijstanduitvoerder op juiste gronden uitgaat van een fictieve gebeurtenissendatum.

4.3 De vraag wanneer Consument bekend raakte met de vordering op de kredietverstrekker (nadat de AFM zich in maart 2017 over het onderwerp heeft uitgelaten) is niet relevant. Op grond van de voorwaarden is immers de (objectieve) gebeurtenisdatum leidend voor het bepalen van het ontstaan en niet de (subjectieve) bekendheid van Consument met het geschil.

4.4 Met inachtneming van al het voorgaande mocht Rechtsbijstanduitvoerder het verzoek om rechtsbijstand afwijzen. De klacht is ongegrond en de vordering wordt afgewezen.

5. Beslissing

De Commissie wijst de vordering af.

In artikel 5 van het Reglement van de Commissie van Beroep Financiële Dienstverlening is bepaald in welke gevallen beroep openstaat van bindende beslissingen van de Geschillencommissie Financiële Dienstverlening bij de Commissie van Beroep Financiële Dienstverlening. Daarbij geldt een termijn van zes weken na verzending van deze uitspraak. Op de website van Kifid vindt u praktische informatie over het instellen van beroep. Zie hiervoor www.kifid.nl/in-beroep-gaan-bij-kifid.

U kunt, binnen twee weken na de verzenddatum van deze uitspraak, bij de Voorzitter van de Geschillencommissie Financiële Dienstverlening schriftelijk een verzoek indienen tot herstel van kennelijke vergissingen in de uitspraak. U moet daarbij met name denken aan correctie van reken- of schrijffouten en verbetering van namen en data. De volledige procedure met de termijnen die daarbij in acht moeten worden genomen staat beschreven in artikel 40 van het Reglement.

Bekijk de volledige uitspraak

Heeft u een vraag?

070 - 333 8 999

Bereikbaar op werkdagen van 09:00 tot 17:00

consumenten@kifid.nl

Stuur ons een e-mail

Mijn Kifid

Gemakkelijk de behandeling van uw klacht volgen
Contact