Mijn Kifid
Mijn Kifid

Uitspraak 2017-563 (Bindend)

Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2017-563
(prof. mr. M.L. Hendrikse, voorzitter en mr. M.C.Y. van de Griendt, secretaris)

Klacht ontvangen op : 7 februari 2017
Ingediend door : Consument
Tegen : Ohra schadeverzekeringen, gevestigd te Arnhem, verder te noemen “Verzekeraar”
Datum uitspraak : 22 augustus 2017
Aard uitspraak : Bindend advies

Samenvatting

Consument heeft bij Verzekeraar een autoverzekering gesloten voor zijn Honda Civic. Bij wijziging van de auto heeft Verzekeraar de premie van de autoverzekering verhoogd. De Commissie is van oordeel dat de vervanging van de auto heeft geleid tot beëndiging van verzekering van de Honda Civic en totstandkoming van een nieuwe verzekering ten aanzien van de Honda Jazz waarbij het Verzekeraar is toegestaan een nieuwe premie te bepalen. Het is de Commissie ook niet gebleken dat de verhoging naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. De vordering wordt afgewezen.

1. Procesverloop

De Commissie beslist met inachtneming van haar Reglement en op basis van de volgende stukken:

• het door Consument (digitaal) ingediende klachtformulier met bijlagen;
• het verweerschrift van Verzekeraar;
• de repliek van Consument.

De Commissie stelt vast dat partijen hebben gekozen voor bindend advies.

De Commissie stelt vast dat het niet nodig is de zaak mondeling te behandelen. De zaak kan daarom op grond van de stukken worden beslist.

2. Feiten

De Commissie gaat uit van de volgende feiten.

2.1 Consument heeft bij Verzekeraar een autoverzekering gesloten met polisnummer [nr. 1]. Op het polisblad van 23 augustus 2016 staat onder meer het volgende:

“Verzekerde auto HONDA CIVIC 1.3 HYBRID
Kenteken [kenteken]
Meldcode [meldcode]
Bouwjaar 2006
Brandstof Hybride Benzine – Elektrisch
Kilometers per jaar Tot 12.000
(…)
Korting Collectiviteitskorting 25,00%

Premiespecificatie
Premie over periode 01.10.2016 tot 01.10.2017
Volledige jaarpremie € 454,80 (inclusief kortingen)
Termijnpremie € 37,90 (inclusief kortingen)
Assurantiebelasting € 7,96
Uw termijnbedrag € 45,86”

2.2 Consument heeft op 16 december 2016 een wijziging van de auto doorgegeven aan Verzekeraar. Op het gewijzigde polisblad van 16 december 2016 staat onder meer

“Verzekerde auto Honda JAZZ 1.3 I-VTEC ELEGANCE
Kenteken [KENTEKEN 2]
Meldcode [meldcode 2]
Bouwjaar 2016
Brandstof Benzine
Kilometers per jaar Tot 12.000
(…)
Korting 5% voor klanten met VC, WA en WA+ dekking 5,00
Collectiviteitskorting 10,00%

Premiespecificatie
Premie over periode 16.12.2016 tot 01.10.2017
Volledige jaarpremie € 688,08 (inclusief kortingen)
Termijnpremie € 57,34 (inclusief kortingen)
Assurantiebelasting € 12,04
Uw termijnbedrag € 69,38”

2.3 Op de autoverzekering zijn de Algemene voorwaarden Autoverzekering Model AUTAP1503 (hierna: “de Voorwaarden”). In de Voorwaarden staat voor zover relevant het volgende:

“14.3 Bent u het niet eens met de veranderingen?
Bent u het niet eens met de veranderingen? Dan kunt u de verzekering stoppen. Dat doet u door ons een brief of e-mail te sturen waarin u zegt dat u de verzekering wilt stoppen.
U moet dit doen binnen dertig dagen na de datum waarop de veranderingen zouden ingaan. Uw verzekering stopt dan op die datum. Stuurt u ons geen brief of e-mail binnen deze termijn
van dertig dagen? Dan gelden de veranderingen ook voor u.
(…)
Artikel 20
Welke wijzigingen geeft u aan ons door?

Tijdens de looptijd van de verzekering kunnen er wijzigingen ontstaan. Deze kunnen te maken hebben met uw auto of met uw persoonlijke situatie. Bepaalde wijzigingen moet u bij ons melden. Wij beoordelen vervolgens de wijzigingen. Door de wijziging kan de premie hoger of lager worden. Ook is het mogelijk dat wij de wijziging niet accepteren of dat wij de verzekering stoppen.
U bent pas verzekerd in de nieuwe situatie, als wij uw wijziging schriftelijk hebben bevestigd. Uit de bevestiging moet blijken of wij de verzekering willen voortzetten. En zo ja, onder welke voorwaarden.

Geeft u de volgende wijzigingen of omstandigheden meteen aan ons door:
1. U of uw nabestaande heeft geen belang meer bij uw auto.
Bijvoorbeeld omdat u uw auto heeft verkocht, omdat uw auto total loss is of omdat uw auto gestolen is.
(…)
Wij mogen dan meteen de voorwaarden en de premie aanpassen aan de nieuwe situatie.”

2.4 Consument is het niet eens met de premieverhoging van de autoverzekering. Consument heeft daarom op 22 december 2016 een klacht ingediend bij Verzekeraar. De uitwisseling van standpunten in de interne klachtenprocedure heeft niet geleid tot een oplossing.

3. Vordering, klacht en verweer

Vordering Consument
3.1 Consument vordert dat de premie met terugwerkende kracht wordt hersteld naar het overeengekomen bedrag van € 454,80 per jaar in plaats van € 688,08 per jaar.

Grondslagen en argumenten daarvoor
3.2 Deze vordering steunt, kort en zakelijk weergegeven, op de volgende grondslag. Verzekeraar handelt in strijd met de algemene beginsel van redelijkheid en billijkheid door de premie van de autoverzekering buitensporig te verhogen. Consument voert hiertoe de volgende argumenten aan.
• Consument gaat niet akkoord met de door Verzekeraar eenzijdig gewijzigde voorwaarden en tarifering per 16 december 2016. De overeenkomst is namelijk hetzelfde gebleken. Slechts het verzekerde object is gewijzigd. Verzekeraar heeft ook niet gecommuniceerd dat de wijziging van het verzekerde object een exorbitante verhoging mee zou brengen. Consument kon dit ook niet verwachten. Het gewijzigde verzekerde object is namelijk gelijkwaardig aan het oude verzekerde object. Bovendien brengt het gewijzigde verzekerde object zelfs een verlaging van het risico voor Verzekeraar mee. Verzekeraar maakt dan ook op oneigenlijke formalistische wijze van de gelegenheid gebruik om een hogere premie te berekenen.
• Consument is al 50 jaar klant bij Verzekeraar en wil de ervaring bij Verzekeraar niet zomaar gedwongen inruilen. Door de interne wijziging wordt Consument disproportioneel benadeeld en Verzekeraar onredelijk bevoordeeld.

Verweer Verzekeraar
3.3 Verzekeraar heeft, kort en zakelijk weergegeven, de volgende verweren gevoerd:
• Verzekeraar heeft in mei 2014 een nieuwe autoverzekering geïntroduceerd. Daarbij is het besluit genomen dat bij een wijziging op de (bestaande) verzekering het nieuwe tarief van Verzekeraar van toepassing is. Consument heeft een wijziging op 16 december 2016 een wijziging op de (bestaande) verzekering doorgegeven. Daarom is het nieuwe tarief van toepassing. Het nieuwe tarief is afhankelijk van diverse factoren.

Het feit dat het verzekerde object is gewijzigd van een Honda Civic Hybride naar een Honda Jazz MPV speelt een rol bij de hoogte van de uiteindelijke premie. Ook is de collectiviteitskorting verlaagd. Indien Consument niet akkoord wilde gaan met de nieuwe premie had hij dit aan kunnen geven en had de autoverzekering beëindigd kunnen worden. Consument heeft hier echter geen gebruik van gemaakt. Daarnaast is Consument niet verplicht om met zijn autoverzekering bij Verzekeraar te blijven. Consument kan zijn autoverzekering dagelijks opzeggen.
• Verzekeraar had in eerdere communicatie wellicht duidelijker uitleg kunnen geven aan Consument. Verzekeraar is Consument echter voor zover mogelijk tegemoet gekomen door extra kortingen te verlenen. Het tarief dat in rekening wordt gebracht is echter op grond van diverse berekeningen de noodzakelijke premie.

4. Beoordeling

4.1 Aan de orde is de vraag of Verzekeraar gehouden is de premie van Consument aan te passen. De Commissie overweegt hiertoe als volgt.

4.2 In beginsel is sprake van een nieuwe verzekeringsovereenkomst in het geval dat het verzekerd object wijzigt en de verzekeringsovereenkomst voortaan betrekking heeft op het nieuwe object. Zie Raad van Toezicht Verzekeringen III-90/9; Hof Amsterdam 10 november 1988, S&S 1990/72 en Hof Den Haag 8 juni 1988, S&S 1990, 13. De vervanging van de Honda Civic door de Honda Jazz heeft derhalve geleid tot beëindiging van de verzekering van de Honda Civic en totstandkoming van een nieuwe verzekering ten aanzien van de Honda Jazz waarbij het Verzekeraar is toegestaan een nieuwe premie te bepalen.

4.3 In de praktijk komt de verzekeringsovereenkomst echter niet tot een einde, maar wordt gesproken van ‘overschrijven’ en van een ‘wijziging’ waarbij de oorspronkelijke verzekering wordt voortgezet. De verzekeringsvoorwaarden voorzien reeds in deze mogelijkheid.

4.4 Uit artikel 20 van de Voorwaarden volgt dat Verzekeraar bij een wijziging beoordeelt of hij de Verzekering voort wilt zetten en zo ja, onder welke voorwaarden. Het staat
Verzekeraar vrij om naar eigen inzicht een voorstel te doen aan Consument om tegen
een bepaald premiebedrag en bepaalde voorwaarden het risico van Consument te
verzekeren. Verzekeraar heeft uitvoerig onderbouwd dat de verzekering een ander product betreft en dat op basis van diverse factoren de premie is vastgesteld. Een belangrijk verschil in de uiteindelijke premie is ook het verschil tussen de nieuwe en de oude auto. Hoewel de Commissie de onvrede van Consument begrijpt, komt het de Commissie niet onredelijk voor dat op een auto met andere kenmerken een andere (hogere) premie van toepassing is. Bovendien had Consument de mogelijkheid om de verzekering te beëindigen indien hij de nieuwe premie niet wilde accepteren. Van deze mogelijkheid heeft Consument geen gebruik gemaakt. Verder zijn de autoverzekeringen van Verzekeraar dagelijks opzegbaar zodat ook nog op een later moment kan worden opgezegd als Consument dat wil. Het is de Commissie gezien de genoemde omstandigheden dan ook niet gebleken dat de verhoging van de premie naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is nu de wederzijdse rechten en verplichtingen van Verzekeraar en Consument voldoende in evenwicht zijn. Zie voor dit laatste criterium r.o. 4.9 van Commissie van Beroep Kifid
2017-021. Verzekeraar is derhalve niet gehouden de huidige premie van Consument aan te passen.

4.5 Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen, wordt de vordering van Consument
afgewezen. Al hetgeen partijen verder nog hebben gesteld, kan niet tot een andere
beslissing leiden en zal derhalve onbesproken blijven.

5. Beslissing

De Commissie wijst de vordering af.

In artikel 5 van het Reglement van de Commissie van Beroep Financiële Dienstverlening is bepaald in welke gevallen beroep openstaat van bindende beslissingen van de Geschillencommissie Financiële Dienstverlening bij de Commissie van Beroep Financiële Dienstverlening. Daarbij geldt een termijn van zes weken na verzending van deze uitspraak. Op de website van Kifid vindt u praktische informatie over het instellen van beroep. Zie hiervoor www.kifid.nl/consumenten/hoe-wordt-uw-klacht-behandeld.

U kunt, binnen twee weken na de verzenddatum van deze uitspraak, bij de Voorzitter van de Geschillencommissie Financiële Dienstverlening schriftelijk een verzoek indienen tot herstel van kennelijke vergissingen in de uitspraak. U moet daarbij met name denken aan correctie van reken- of schrijffouten en verbetering van namen en data. De volledige procedure met de termijnen die daarbij in acht moeten worden genomen staat beschreven in artikel 46 van het Reglement.

Bekijk de volledige uitspraak

Heeft u een vraag?

070 - 333 8 999

Bereikbaar op werkdagen van 09:00 tot 17:00

consumenten@kifid.nl

Stuur ons een e-mail

Mijn Kifid

Gemakkelijk de behandeling van uw klacht volgen
Contact