Mijn Kifid
Mijn Kifid

Uitspraak 2017-670

Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2017-670
(mr. J.S.W. Holtrop, voorzitter, drs. L.B. Lauwaars en mr. dr. S.O.H. Bakkerus, leden en mr. F.M.M.L. Fleskens, secretaris)

Klacht ontvangen op : 6 mei 2016
Ingediend door : Consument
Tegen : AEGON Schadeverzekering N.V., gevestigd te Den Haag, verder te noemen Verzekeraar
Datum uitspraak : 9 oktober 2017
Aard uitspraak : Niet-bindend advies

Samenvatting

Autoverzekering. Consument heeft door tussenkomst van de Tussenpersoon bij Verzekeraar een autoverzekering gesloten. Nadat op 6 januari 2016 in de auto is ingebroken claimt Consument schade bij Verzekeraar. Verzekeraar heeft de schade van Consument niet vergoed. Verzekeraar is van mening dat geen verzekering tot stand was gekomen omdat de eerste premie niet was betaald. Tevens beroept Verzekeraar zich op de algemene voorwaarden die bepaalt dat de dekking vervalt indien verzekerde een betalingsachterstand van meer dan 30 dagen krijgt. Volgens Consument dienen de algemene voorwaarden niet van toepassing te worden verklaard, althans de algemene voorwaarden zijn niet aan hem ter hand gesteld zodat zij moeten worden vernietigd. De Commissie oordeelt dat de Autoverzekering door aanbod een aanvaarding tot stand is gekomen met ingangsdatum 12 november 2015 zonder dat Verzekeraar daaraan het voorbehoud van eerste premiebetaling heeft verbonden. Niet is komen vast te staan dat de algemene voorwaarden van toepassing zijn verklaard zodat Verzekeraar geen beroep toekomt op de schorsingsbepaling. De vordering wordt toegewezen.

1. Procesverloop

De Commissie beslist met inachtneming van haar Reglement en op basis van de volgende stukken:

• het door Consument (digitaal) ingediende klachtformulier met bijlagen;
• het verweerschrift van Verzekeraar van 5 september 2016 en de aanvulling daarop van
6 oktober 2016;
• de repliek van Consument van 26 oktober 2016;
• de dupliek van Verzekeraar van 30 november 2016;
• de aanvullende reactie van Verzekeraar na de hoorzitting van de Commissie van
24 mei 2017;
• de aanvullende reactie van Consument van 6 juni 2017;
• de verklaring van Consument met diens keuze voor niet-bindend advies.

De Commissie stelt vast dat Consument heeft gekozen voor een niet-bindend advies. De uitspraak is daardoor voor partijen niet-bindend.

Partijen zijn opgeroepen voor een hoorzitting op 16 maart 2017 en zijn aldaar verschenen.

2. Feiten

De Commissie gaat uit van de volgende feiten.

2.1 Op 12 november 2015 heeft Consument door tussenkomst van Van Eyk Hypotheken (verder: de Tussenpersoon) bij Verzekeraar een Autoverzekering gesloten (polisnummer: [X]). In de toepasselijke Verzekeringsvoorwaarden Aegon Autoverzekering nr. 1413
(verder: de Voorwaarden) is – voor zover relevant – het volgende bepaald:

“10.1 Wat gebeurt er als u niet (op tijd) betaalt?
Als u een betalingsachterstand krijgt van meer dan 30 dagen, dan vervalt de dekking vanaf de dag dat u de premie en kosten had moeten betalen. Een schade die ontstaat of verergert in deze periode is niet verzekerd. U heeft weer dekking één dag nadat wij uw (achterstallige) betaling hebben ontvangen en geaccepteerd.”

2.2 Het polisblad van de Autoverzekering vermeldt onder andere het volgende:

“Ingangsdatum 12-11-2015
Verzekeringsnemer [persoonsgegevens van Consument]
Tussenpersoon [gegevens van de Tussenpersoon]
Auto [gegevens van de auto van Consument]
Dekking Module/Dekking Verzekerd bedrag per gebeurtenis
Wettelijke Aansprakelijkheid
– Bij materiële schade € 2.5000.000
– Bij letselschade € 5.6000.000
Allrisk Basis € 34.357 (incl. BTW)
Voorwaarden Polisvoorwaarden Aegon Autoverzekering nr. 1413
De polisvoorwaarden vindt u op www.aegon.nl.
Eigen risico Eigen risico via Aegon Schade Service € 250,00
Eigen risico eigen hersteller Niet toegestaan
U heeft een eigen risico van € 75,- als de ruit wordt vervangen.
U heeft geen eigen risico als u de ruit laat repareren (sterretje).
Premie […]
Betaling De premie wordt elke maand afgeschreven van uw rekening.
Contractduur U bent deze verzekering aangegaan voor onbepaalde tijd en kunt na
12-11-2016 op elk moment opzeggen. Uw verzekering stopt dan een maand later.
Bijzonderheden Naast Wettelijke Aansprakelijkheid bent u met de Allrisk Basis dekking verzekerd voor schade aan uw auto voor alle schadeoorzaken. Dus naast diefstal, inbraak of brand bent u ook verzekerd voor schade door uw schuld of vandalisme. En omdat schadeherstel via Aegon Schade Service loopt, heeft u vier jaar garantie op alle […]”

2.3 Omdat de Tussenpersoon bij de aanvraag van de Autoverzekering ten onrechte acht schadevrije jaren had ingevuld, heeft Verzekeraar de maandpremie op een bedrag van
€ 62,78 vastgesteld. Na aanpassing van de schadevrije jaren naar twee schadevrije jaren heeft Verzekeraar de maandpremie verhoogd tot een bedrag van € 96,27.

2.4 Op 1 december 2015 heeft Verzekeraar voor de eerste keer getracht premie te incasseren voor de Autoverzekering. De premie-incasso betrof een bedrag van
€ 131,62 en zag op premie voor de periode van 12 november 2015 tot 11 januari 2016. De incasso van 1 december 2015 is op 10 december 2015 gestorneerd.

2.5 Consument heeft op 23 december 2015, door middel van een automatische incasso, een bedrag van € 66,98 voldaan. Het bedrag van € 66,98 ziet op de verhoging van de premie over de periode van 12 november 2015 tot 11 januari 2016 na aanpassing van de schadevrije jaren.

2.6 Op 1 januari 2016 heeft Verzekeraar wederom getracht de premie over de periode van
12 november 2015 tot 11 januari 2016 te incasseren. Op 13 januari 2016 is ook die incasso gestorneerd.

2.7 Op 6 januari 2016 is er ingebroken in de auto van Consument waarna hij diezelfde dag een schadeclaim bij Verzekeraar heeft ingediend.

2.8 Op 14 januari 2016 heeft Verzekeraar twee brieven aan Consument toegestuurd.
Een brief vermeldt onder andere het volgende:

“U bent niet meer verzekerd
Doordat u niet betaald heeft, bent u niet meer verzekerd. Wanneer er op dit moment iets gebeurt moet u de schade zelf betalen. Dit geldt voor schades vanaf 27-11-2015. Wij vinden dit vervelend. Wij bieden u graag zekerheid van een goede dekking. UW kenteken is afgemeld bij de Dienst Wegverkeer (RDW). U overtreedt de wet. Het is namelijk verplicht uw auto te verzekeren.
Premie en kosten overzicht
Het bedrag dat u moet betalen is zo opgebouwd:
Premie op 27-11-2015 € 35,35
12-01-2016 € 96,27
Totaal verschuldigd € 131,62
[…]
U blijft verplicht de premie te betalen
Ook als u niet verzekerd bent doordat u niet betaald. Eén dag na ontvangst van uw betaling bent u weer verzekerd en wordt uw auto weer aangemeld bij het RDW.”

De andere brief van dezelfde datum vermeldt onder meer het volgende:

“U heeft een Aegon Autoverzekering bij ons. Het polisnummer is [X]. De premie voor deze verzekering hebben wij niet van uw rekening kunnen incasseren. In deze brief leest u welke oplossing wij voorstellen.

U betaalt voortaan per acceptgiro
[…]
Belangrijk: op tijd betalen
Let op dat u de premie binnen dertig dagen na 12-11-2015 aan ons betaalt. Anders betaalt u een eventuele schade die gebeurt na 12-11-2015 zelf.
[…]”

2.9 Consument heeft het openstaande bedrag van € 131,62 alsnog betaald. Het bedrag is op
20 januari 2016 op de bankrekening van Verzekeraar bijgeschreven.

2.10 Verzekeraar heeft de schade van Consument niet vergoed met als reden dat de Autoverzekering niet tot stand was gekomen omdat de eerste premie niet was betaald. Het is hierover dat Consument klaagt.

3. Vordering, klacht en verweer

Vordering Consument
3.1 Consument vordert vergoeding van de schade ten bedrage van € 3400,00.

Grondslagen en argumenten daarvoor
3.2 Deze vordering steunt, kort en zakelijk weergegeven, op de volgende grondslag. Verzekeraar is toerekenbaar tekortgeschoten in de nakoming van zijn verbintenissen uit de Autoverzekering. Consument voert hiertoe de volgende argumenten aan.
• Verzekeraar heeft zich ten onrechte op het standpunt gesteld dat geen verzekeringsovereenkomst tot stand is gekomen. Verzekeraar heeft tot 14 januari 2016 de Autoverzekering niet als nooit tot stand gekomen beschouwd maar heeft de dekking opgeschort. Wanneer de Autoverzekering niet tot stand zou zijn gekomen, zou in de periode na 15 januari 2016 evenmin dekking moeten zijn verleend. Verzekeraar heeft een polis verstrekt waarmee de overeenkomst is vastgelegd. Zie art. 7:932 Burgerlijk Wetboek (verder: BW).
• Zoals de rechtbank Rotterdam op 22 augustus 2014 (ECLI:NL:RBROT:2014:7691) heeft geoordeeld, dient de aanvangspremie als gewone premie te worden beschouwd. De verzekeraar dient de verzekerde eerst aan te manen voordat – indien betaling uitblijft – de dekking wordt geschorst. Verzekeraar heeft de verzekering pas met zijn brief van
14 januari geschorst. Op 6 januari 2016, de dag van de inbraak was de verzekering dan ook niet geschorst.
• Consument heeft de bedragen niet gestorneerd. Ten tijde van de incasso’s had Consument te weinig saldo op zijn bankrekening.
• Volgens de storneringsbrief van Verzekeraar was Consument per 27 november 2015 een bedrag van € 35,35 verschuldigd en per 12 januari 2016 een bedrag van € 96,27. Consument heeft op 23 december 2015 een bedrag van € 66,98 voldaan. Hiermee is het eerste verschuldigde bedrag (meer dan) voldaan.
• De Tussenpersoon heeft per brief van 27 januari 2016 aan Verzekeraar medegedeeld dat Consument niets te verwijten viel en dat Consument derhalve dekking had ten tijde van de schade.
• Verzekeraar heeft Consument pas op 14 januari 2016 brieven toegestuurd waarin hem is verzocht om binnen 30 dagen na 12 november 2015 tot betaling over te gaan. Dit was uiteraard niet meer mogelijk. Consument heeft op 15 januari 2016 de gevraagde bedragen voldaan.
• De aanduiding ‘premie’ omvat zowel het vaste, bij schadeverzekering veelal in een percentage van de verzekerde som uitgedrukte, bedrag als de variabele omslag of naheffing bij sommige onderlinge verzekeringen. Pas per 12 januari 2016 was het bedrag van € 96,27 verschuldigd.
• De strekking van art. 7:934 BW is dat wanneer de vervaldag voor het betalen van de vervolgpremie is verstreken, een aanmaning is verzonden met een betaaltermijn van
14 dagen en betaling is uitgebleven, de verzekeringsovereenkomst of de dekking kan worden beëindigd of geschorst. Op de verzekeraar rust immers de verplichting om de verzekeringnemer ‘tijdig tevoren en onmiskenbaar duidelijk te wijzen op de gevolgen van het niet tijdig betalen van de premie’. Verzekeraar heeft Consument niet gewezen op enige regelgeving omtrent de aanvangspremie en de eventuele gevolgen van het niet (tijdig) voldoen van de premie.
• De Voorwaarden dienen niet van toepassing te worden verklaard. Consument heeft het polisblad ontvangen maar de Voorwaarden niet en deze zijn ook niet aan Consument ter hand gesteld zodat deze dienen te worden vernietigd. Volgens HR 11 februari 2011 (ECLI:NL:HR:2011:BO7108) is aan de norm van art. 6:233 onder b BW niet reeds voldaan indien de wederpartij de mogelijkheid heeft zelf door gebruikmaking van internet de toepasselijke voorwaarden te raadplegen.
• Verzekeraar heeft nagelaten om het originele aanvraagformulier over te leggen. Daardoor kan niet worden vastgesteld hoe de Autoverzekering daadwerkelijk tot stand is gekomen, op welke wijze en onder welke voorwaarden.
• Het toezenden van de Voorwaarden aan de Tussenpersoon betekent niet dat de Voorwaarden Consument hebben bereikt. Verzekeraar dient te bewijzen dat de Voorwaarden Consument daadwerkelijk hebben bereikt.

Verweer Verzekeraar
3.3 Verzekeraar heeft, kort en zakelijk weergegeven, de volgende verweren gevoerd:
• Op grond van art. 7:925 lid 1 BW is een verzekering een overeenkomst waarbij de ene partij premie betaalt, terwijl de andere partij (de verzekeraar) zich verbindt tot het doen van uitkering (als er dekking is). Dat betekent in dit geval dat er geen verzekering tot stand is gekomen zolang er geen (eerste) premie is betaald (genoten).
• Aanmaningen betreffende de eerste premie waren niet nodig aangezien het hier gaat om de aanvangspremie. Art. 7:934 BW heeft alleen betrekking op het uitblijven van betaling van de vervolgpremies. Volgens de memorie van toelichting bij art. 7:934 BW bestaat geen bezwaar tegen het schorsen of beëindigen van de dekking van de verzekering als de eerste premie niet is betaald. Volgens de Raad van Toezicht in uitspraak nr. 2007/045 Mo hoeft verzekeraar de verzekerde geen duidelijke herinnering te sturen bij het uitblijven van de eerste premie. In de lijn van die uitspraak is geen verzekering tot stand gekomen op het moment van de schade van 6 januari 2016 omdat Consument de aanvangspremie pas op 20 januari 2016 heeft voldaan. Pas na die betaling was sprake van een vigerende polis.
• Consument was per 12 november 2015 (een eerste) premie verschuldigd van € 131,62.
Het zijn bewuste acties geweest van Consument om de aanvangspremie (tot tweemaal toe) te storneren. Consument moet zich dan ook van de gevolgen bewust zijn geweest.
• Voor zover geoordeeld zou moeten worden dat er wel een verzekeringsovereenkomst tot stand is gekomen (wilsovereenstemming), dan is er geen dekking op de schadedatum op grond van artikel 10.1 van de Voorwaarden. Op de schadedatum, 6 januari 2016, was er nog slechts € 66,98 betaald, te weten de factuur van 28 november 2015. De eerste factuur (van 12 november 2015 voor € 131,62) stond nog volledig open. Die rekening is pas voldaan op 20 januari 2016, derhalve na de schadedatum. Ook indien het op 23 december 2015 betaalde bedrag van € 66,98 op de eerste verschuldigde maandpremie zou worden toegerekend
(art. 6:41 BW), was die premie niet volledig voldaan, want die bedroeg immers € 96,27. Op de schadedatum was sprake van een betalingsachterstand van meer dan 30 dagen.
• De Voorwaarden zijn aan Consument en zijn Tussenpersoon ter hand gesteld en derhalve van toepassing. Bovendien is de polis online afgesloten en zijn de Voorwaarden elektronisch ter beschikking gesteld. Op het polisblad wordt naar de Voorwaarden verwezen.
• Verzekeraar heeft de Voorwaarden op juiste wijze aan Consument ter hand gesteld. De polis werd door Consument elektronisch via de Tussenpersoon aangevraagd. In het elektronische aanvraagformulier is een link opgenomen naar de Voorwaarden. Deze kunnen vanaf het elektronische aanvraagformulier worden gedownload. Daarnaast staat op het aanvraagformulier dat door ondertekening van het aanvraagformulier de aanvrager akkoord gaat met de toepasselijkheid van de voorwaarden van de verzekering. Consument heeft op het aanvraagformulier via de (door hem ingeschakelde) Tussenpersoon verklaard dat hij bekend was met de bijgevoegde voorwaarden en clausules. Indien de Tussenpersoon onduidelijkheden zou hebben laten bestaan naar Consument, dan geldt de Tussenpersoon als hulppersoon van de (aspirant)verzekeringnemer. Dientengevolge dienen de fouten van de Tussenpersoon voor rekening van de (aspirant)verzekeringnemer te blijven en niet aan Verzekeraar te worden toegerekend. Daarnaast is het polisblad, via de Tussenpersoon, aan Consument verstrekt waarop melding wordt gemaakt van de link naar de op dat moment toepasselijke verzekeringsvoorwaarden. Indien die link wordt gevolgd, kan men de Voorwaarden inzien en als pdf-downloaden. Een en ander leidt tot de conclusie dat Verzekeraar Consument een redelijke mogelijkheid heeft geboden om van de Voorwaarden kennis te nemen en dat deze volledig toepasselijk zijn op de overeenkomst. Verzekeraar heeft zich gehouden aan de vereiste voor het elektronisch ter hand stellen van voorwaarden zoals opgenomen in GC Kifid 15 juni 2015, 2015-169.

4. Beoordeling

4.1 Verzekeraar stelt zich op het standpunt dat op grond van art. 7:925 lid 1 BW tussen partijen geen Autoverzekering tot stand is gekomen omdat Consument niet de (eerste) premie heeft betaald. De Commissie is echter van oordeel dat de Autoverzekering wel tussen partijen is tot stand gekomen en overweegt dienaangaande het volgende.

4.2 Art. 7:925 lid 1 BW geeft een algemene omschrijving van de verzekeringsovereenkomst maar beoogt niet een voor alle gevallen sluitende definitie te geven.

Uit art. 7:925 lid 1 BW volgt niet dat een verzekering in alle gevallen alleen tot stand komt indien (de eerste) premie is betaald. In het onderhavige geval is de Autoverzekering volgens het onder 2.2 geciteerde polisblad ingegaan op 12 november 2015 zonder dat Verzekeraar daaraan het voorbehoud van eerste premiebetaling heeft verbonden. Bij gebreke van dit voorbehoud is de onderhavige verzekeringsovereenkomst door aanbod en aanvaarding tot stand gekomen met ingangsdatum 12 november 2015.

4.3 De stelling van Verzekeraar dat tussen partijen geen Autoverzekering tot stand is gekomen omdat Consument de (eerste) premie niet heeft betaald valt ook niet te baseren op
art. 10.1 van de Voorwaarden voor zover deze al toepasselijk zouden zijn. Zie nader over de toepasselijkheid van de Voorwaarden r.o. 4.6. Volgens die bepaling kan de dekking van de Autoverzekering met terugwerkende kracht worden geschorst indien sprake is van een betalingsachterstand van meer dan 30 dagen. Volgens art. 10.1 van de Voorwaarden heeft Verzekeraar Consument voorshands dekking verleend zonder dat eerst premie moest worden betaald zodat de verzekeringsovereenkomst zonder premiebetaling tot stand is gekomen. Indien zoals Verzekeraar stelt geen Autoverzekering tussen partijen is tot stand gekomen kan immers (van het schorsen) van dekking in het geheel geen sprake zijn.

4.4 Vervolgens dient de vraag te worden beantwoord of het beroep van Verzekeraar op de Voorwaarden met daarin de bepaling over de schorsing van de dekking standhoudt. Die vraag vloeit voort uit de stelling van Consument dat de Voorwaarden niet van toepassing moeten worden verklaard, althans dat de Voorwaarden niet aan hem ter hand zijn gesteld zodat zij moeten worden vernietigd. De Commissie zal de verschillende verweren die Verzekeraar tegen die stelling van Consument heeft aangevoerd, achtereenvolgens behandelen.

Toepasselijkheid
4.5 De Commissie is van oordeel dat de schorsingsclausule in de Voorwaarden een algemene voorwaarde is en geen kernbeding in de zin van art. 6:231 BW. De Commissie baseert zich hierbij op de invulling van het begrip kernbeding in richtlijn nr. 93/13/EEG inzake oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten. Hierin wordt een kernbeding aangemerkt als een beding waarin het eigenlijke voorwerp van de overeenkomst (het verzekerde risico) of de kwaliteit/prijs van de levering of dienst wordt omschreven. In de onderhavige schorsingsclausule ontbreekt het risicobepalende element zodat deze clausule niet als een kernbeding kan worden beschouwd.

4.6 Uit art. 6:232 BW volgt dat algemene voorwaarden alleen dan van toepassing zijn als partijen de toepasselijkheid van die algemene voorwaarden (al dan niet expliciet) hebben aanvaard. Consument stelt dat hij de toepasselijkheid van de Voorwaarden niet heeft aanvaard. Aangezien Verzekeraar zich beroept op de Voorwaarden, zal hij moeten aantonen dat partijen de toepasselijkheid ervan zijn overeengekomen. Verzekeraar stelt dat Consument via zijn Tussenpersoon op het aanvraagformulier heeft verklaard de toepasselijkheid van de Voorwaarden te aanvaarden. Consument betwist dit. Verzekeraar heeft zijn stelling niet met (een kopie van) het originele aanvraagformulier onderbouwd zodat de Commissie aan die stelling voorbij gaat. Verzekeraar wijst ook op het polisblad waarop melding wordt gemaakt van de Voorwaarden.
De Commissie overweegt dat de enkele vermelding van algemene voorwaarden op het polisblad zonder meer niet inhoudt dat partijen de toepasselijkheid van die voorwaarden zijn overeengekomen. Andere aanwijzingen daarvoor zijn niet gebleken. Het voorgaande leidt ertoe dat niet is komen vast te staan dat de Voorwaarden op de Autoverzekering van toepassing zijn verklaard zodat Verzekeraar geen beroep toekomt op de bepaling betreffende de schorsing van de dekking.

4.7 Uit het onder 4.2 overwogene volgt dat de Autoverzekering vanaf 12 november 2015 is ingegaan en dekking is verleend zonder dat Verzekeraar daarbij het voorbehoud van eerste premiebetaling heeft gemaakt. Verzekeraar kan evenmin beroep doen op de schorsingsbepaling in zijn Voorwaarden. Voor de dekkingsvraag is dientengevolge niet relevant of Consument de (eerste) premie heeft betaald zodat de Commissie hieraan voorbij gaat. Dit heeft tot gevolg dat Verzekeraar Consument dekking dient te verlenen voor de schade naar aanleiding van de inbraak in de auto op 6 januari 2016.

Vernietigbaarheid
4.8 De Commissie overweegt ten overvloede dat ook indien partijen de Voorwaarden wel (impliciet) waren overeengekomen, Verzekeraar zich ook niet op de Voorwaarden had kunnen beroepen. De Commissie overweegt daartoe het volgende.

4.9 Tussen partijen geldende algemene voorwaarden kunnen op grond van art. 6:233 sub b jo. 6:234 BW worden vernietigd, indien de gebruiker aan de wederpartij niet een redelijke mogelijkheid heeft geboden om van de algemene voorwaarden kennis te nemen. Consument beroept zich op deze vernietigingsgrond en stelt dat Verzekeraar hem niet een redelijke mogelijkheid heeft geboden van de Voorwaarden kennis te nemen, omdat de Voorwaarden niet aan hem te hand zijn gesteld. Verzekeraar heeft toegelicht dat de Voorwaarden via een link naar de website van Verzekeraar kunnen worden geraadpleegd en als pdf-document kunnen worden gedownload. Verzekeraar verwijst in dat kader naar de melding op het polisblad. Volgens Verzekeraar heeft hij Consument hierdoor een redelijke mogelijkheid geboden om kennis te nemen van de Voorwaarden zodat deze van toepassing zijn op de Autoverzekering.

4.10 De Commissie stelt vast dat de tussen partijen gesloten verzekeringsovereenkomst langs elektronische weg tot stand is gekomen zodat Verzekeraar conform art. 6:233 aanhef en onder b jo. 6: 234 lid 2 BW aan zijn informatieplicht kan voldoen door Consument via elektronische weg een redelijke mogelijkheid te bieden om van de algemene voorwaarden kennis te nemen. Gelet op het bepaalde in art. 6:234 lid 2 BW diende Verzekeraar de algemene voorwaarden bij het sluiten van de overeenkomst langs elektronische weg op een zodanige wijze aan Consument ter beschikking te stellen, dat deze door hem konden worden opgeslagen en toegankelijk waren ten behoeve van latere kennisneming. Hieruit volgt dat de informatie op een duurzame drager dient te worden aangeboden, zodat de wederpartij (Consument) de informatie kan opslaan en gewaarborgd is dat de inhoud ervan niet wordt gewijzigd en dat de informatie gedurende een passende termijn toegankelijk is. Zie Hof van Justitie EU van 5 juli 2012, ECLI:EU:C:2012:419 (zaak C-49/11, Content Services) en GC Kifid 15 juni 2015, 2015-169.

Dit houdt in dat een website slechts als duurzame drager kan worden aangemerkt indien de gebruiker (Verzekeraar) noch de beheerder van de website de inhoud ervan eenzijdig kan wijzigen. Zie Hof van Justitie EU van 25 januari 2017, ECLI:EU:C:2017:38 (zaak C-49/11, BAWAG).

De Commissie stelt vast dat Verzekeraar heeft nagelaten bewijs aan te leveren waaruit blijkt dat het pdf-bestand op zijn website niet door hem kon worden gewijzigd. Ook heeft Verzekeraar nagelaten aannemelijk te maken dat de Voorwaarden gedurende een passende termijn ongewijzigd beschikbaar waren. Het voorgaande leidt tot de slotsom dat Verzekeraar niet heeft aangetoond dat is voldaan aan de vereisten van art. 6:234 lid 2 BW.

4.11 De stelling van Verzekeraar dat fouten van de Tussenpersoon bij de terhandstelling van de Voorwaarden voor rekening van Consument blijven, omdat hij als hulppersoon van Consument geldt, kan Verzekeraar niet baten. Als gebruiker van de Voorwaarden, ligt het op de weg van Verzekeraar ervoor zorg te dragen dat de wederpartij zelf, in dit geval Consument, een redelijke mogelijkheid wordt geboden van de Voorwaarden kennis te nemen. Als niet blijkt dat die mogelijkheid is geboden, dient hij daarvan in zijn verhouding tot de consument de gevolgen te dragen. Zie GC Kifid 6 juli 2015, 2015-197 en 11 juli 2016, 2016-315. Uit het bovenstaande volgt dat niet is komen vast te staan dat aan Consument in dit geval de Voorwaarden volgens de vereisten die voortvloeien uit art. 6:234 lid 2 BW ter hand zijn gesteld en dat Verzekeraar hier de gevolgen van dient te dragen. Hetgeen Verzekeraar in dit verband in zijn aanvulling van 24 mei 2017 heeft opgemerkt wordt gepasseerd, nu daarin geen gezichtspunten zijn aangedragen die de Commissie tot een ander oordeel brengen.

4.12 Het bovenstaande leidt ertoe dat Verzekeraar Consument onvoldoende mogelijkheid heeft geboden om van de Voorwaarden kennis te nemen. Het beroep van Consument op de vernietigbaarheid van de Voorwaarden op grond van art. 6:233 sub b BW zou de Commissie hebben gehonoreerd. Dit zou tot gevolg hebben gehad dat Verzekeraar geen beroep had kunnen doen op de onderhavige schorsingsclausule.

4.13 Ten overvloede merkt de Commissie op dat voor zover Verzekeraar met de onder
2.8 vermelde brieven Consument heeft aangemaand vanwege het uitblijven van de premiebetaling en zijn eigen verplichting om dekking te verlenen (conform art. 6:262 BW) heeft willen opschorten, de verplichting tot uitkering van de schadevergoeding met terugwerkende kracht is hersteld doordat Consument de achterstallige premie alsnog heeft betaald.

Slotsom
4.14 Het bovenstaande leidt tot de slotsom dat de vordering van Consument tot uitkering onder de Autoverzekering, tegen de hoogte waarvan Verzekeraar geen verweer heeft gevoerd, zal worden toegewezen.

5. Beslissing

De Commissie beslist dat Verzekeraar binnen vier weken na de dag waarop een afschrift van deze beslissing aan partijen is verstuurd, aan Consument vergoedt een bedrag van € 3400,00 met aftrek van het eigen risico.

De uitspraak heeft de vorm van een niet-bindend advies. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open bij de Commissie van Beroep Financiële Dienstverlening. U kunt de zaak nog wel aan de rechter voorleggen.

U kunt, binnen twee weken na de verzenddatum van deze uitspraak, bij de Voorzitter van de Geschillencommissie Financiële Dienstverlening schriftelijk een verzoek indienen tot herstel van kennelijke vergissingen in de uitspraak. U moet daarbij met name denken aan correctie van reken- of schrijffouten en verbetering van namen en data. De volledige procedure met de termijnen die daarbij in acht moeten worden genomen staat beschreven in artikel 46 van het Reglement.

Bekijk de volledige uitspraak

Heeft u een vraag?

070 - 333 8 999

Bereikbaar op werkdagen van 09:00 tot 17:00

consumenten@kifid.nl

Stuur ons een e-mail

Mijn Kifid

Gemakkelijk de behandeling van uw klacht volgen
Contact